Eén mechanisme, meerdere toegangspoorten: hoe CBAM binnen Europa verschilt

Toen het Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM) werd ingevoerd, presenteerde men het als één van de meest geharmoniseerde regelgevinginstrumenten van de Europese Unie. Eén verordening. Eén centraal register. Eén kwartaalrapportageformat. Op het eerste gezicht lijkt het naadloos. In de praktijk ligt het genuanceerder.

CBAM is Europese wetgeving, maar bereikt bedrijven via nationale administratieve systemen. De verordening is centraal vastgesteld. De uitvoering is dat niet. Voor organisaties die actief zijn in één lidstaat valt dit verschil misschien niet direct op. Maar zodra je vergelijkt hoe CBAM binnen Europa wordt toegepast, zie je duidelijke verschillen. Niet chaotisch of inconsistent, maar wel duidelijk nationaal gekleurd.

Een digitaal mechanisme dat op papier begint

CBAM is opgezet als een digitaal systeem. De Europese Commissie beheert een centraal register. Rapportages dienen bedrijven elektronisch in. Deadlines zijn binnen de Unie gelijkgetrokken.

Toch moeten bedrijven in verschillende lidstaten, voordat zij de status van Authorised CBAM Declarant krijgen, eerst documentatie indienen bij hun lokale douaneautoriteit. Ondertekende formulieren. Ondersteunende documenten. Formele aanvragen.Dit laat zien dat CBAM voortbouwt op bestaande nationale douanestructuren. Het portaal is Europees. De toegangspoort blijft nationaal.

Roemenië: strikte data-afstemming

Roemenië laat zien hoe uitvoering wordt gevormd door praktijk. Bedrijven die een autorisatie aanvragen, moeten aantonen dat hun CBAM-kwartaalrapportages uit de overgangsfase exact overeenkomen met hun douaneaangiften. De gerapporteerde hoeveelheden moeten aansluiten op de douanegegevens.

Voor organisaties die sterk vertrouwen op ERP-systemen kunnen kleine verschillen ontstaan tussen interne data en douaneaangiften. De Roemeense aanpak benadrukt een belangrijk principe: CBAM-rapportage moet de douanerealiteit weerspiegelen. CBAM staat niet naast douaneprocessen. Het bouwt erop voort.

Oostenrijk: koppeling met EU ETS-systemen

In Oostenrijk verloopt toegang tot het CBAM-portaal via de EU ETS-toegangsmodule. Voor importeurs die niet onder het EU Emissions Trading System vallen, kan dit onverwacht zijn. Vanuit administratief oogpunt bouwen autoriteiten voort op bestaande systemen. Voor bedrijven laat dit zien hoe CBAM wordt geïntegreerd in nationale infrastructuren die niet altijd direct zichtbaar zijn vanuit de verordening zelf.

Nederland: authenticatie via een privaat systeem

In Nederland verloopt toegang tot het CBAM-register via eHerkenning, een geprivatiseerd digitaal identificatiesysteem. Bedrijven moeten een erkende aanbieder selecteren, het juiste betrouwbaarheidsniveau aanvragen en bijbehorende kosten beheren.

Waar in veel andere lidstaten toegang direct via publieke instanties verloopt, introduceert het Nederlandse model een marktelement in wat vaak wordt gezien als een puur administratief proces. Voor importeurs hangt toegang dus niet alleen af van compliance, maar ook van het navigeren door het nationale authenticatiekader.

België: bredere digitale roltoewijzing

België werkt met rolgebaseerde autorisaties. De rol die nodig is voor CBAM-toegang kan ook toegang geven tot aanvullende functionaliteiten binnen het douanesysteem. Dit laat zien hoe CBAM is ingebed in een bestaande digitale omgeving. Voor bedrijven die werken met dienstverleners roept dit vragen op over toegangsbeheer en interne controle.

Wanneer interpretatie verandert

Zoals bij veel nieuwe regelgevingskaders ontwikkelt interpretatie zich in de tijd. In België zijn eerder bevestigde procedures later herzien door de bevoegde autoriteit. Schriftelijke bevestigingen moesten opnieuw worden beoordeeld. Aanvragen werden aangepast en in sommige gevallen opnieuw ingediend.

Dit is niet ongebruikelijk in een vroege implementatiefase. Het onderstreept hoe belangrijk het is om zowel de Europese regels als de nationale uitvoeringspraktijk nauwgezet te volgen.

CBAM gestructureerd en schaalbaar aanpakken

CBAM is één Europees mechanisme, maar werkt via meerdere nationale toegangspoorten. De verschillen zijn subtiel, maar hebben impact. Ze beïnvloeden hoe bedrijven autorisaties aanvragen, data afstemmen, toegang krijgen tot registers en interne processen inrichten. Voor organisaties met grensoverschrijdende activiteiten, of voor bedrijven die zich voorbereiden op de definitieve CBAM-fase in 2026, is inzicht in deze nationale lagen essentieel.

Samen met Dubrink ondersteunt Pincvision bedrijven in de hele EU bij een gestructureerde en schaalbare aanpak van CBAM. Door douanekennis te combineren met digitale rapportage- en automatiseringsoplossingen helpen we organisaties navigeren tussen het Europese kader en de nationale realiteit daarachter.

Beoordeel je jouw CBAM-gereedheid of bereid je je voor op de volgende fase? We denken graag met je mee.

Guest article | Dubrink

This article was written by Marcel Duits, Chief CBAM Officer at our partner Dubrink, a specialist in CBAM compliance.

Dubrink logo
24 feb. 2026 at 10:00
4 min
Gepubliceerd door:
Carola Bregman-Evers
Brand & Sr. Marketing Manager
Terug naar nieuwsoverzicht
+31(0)884321800
[javascript protected email address]